Op deze bladzijde staat:

Wie kinder-mindfulness cursussen organiseren;
Waar een kinder-mindfulness cursus kan plaatshebben;
Aan welke eisen een locatie moet voldoen;
Wat het kost;
Welke kinderen kunnen meedoen.

Wie organiseert de kinder-mindfulness cursussen?

Het initiatief voor een kinder-mindfulness cursus kan door iedereen genomen worden.
Een ouder, een school directie, een BSO of andere kinderopvang organisatie, een sportvereniging, enz.
Er wordt contact  gelegd met Tineke Spruytenburg en samen worden de mogelijkheden verkend.

Waar kan een kinder-mindfulness cursus plaatshebben?

De cursussen kunnen georganiseerd worden in een straal van 55 tot 60 km rond Bergambacht.
De mogelijkheden binnen deze straal zijn mede afhankelijk van de bereikbaarheid van de locatie met het openbaar vervoer!

DSCN5857 kleintje

Aan welke eisen moet een locatie voldoen?

1) Kinderen hebben bewegingsvrijheid nodig, dus de ruimte moet groot genoeg zijn en vrij van breekbare spullen;
2) Er moet een toilet in de buurt zijn;
3) Een keukentje of wasbak in de buurt is nodig om handen te wassen, limonade aan te maken en bekers te spoelen;
4) De ruimte moet gemakkelijk schoon te maken zijn, ook als er een beker limonade omvalt;
5) Pottenkijkers, bijvoorbeeld kinderen die op een schoolplein spelen, verstoren de rust en de concentratie in de groep. Een ruimte op straatniveau moet daarvan kunnen worden afgeschermd.
6) Lawaai en gepraat rondom de ruimte leidt de aandacht te veel af, daarom is de rust rondom de ruimte ook een aandachtspunt.

Wat kost het?

Tineke werkt tegen Dana (vrijwillige bijdrage), die door de ouders van de deelnemers bepaald wordt. klik hier voor een toelichting over Dana.
De vrijwillige gift voor de lessen kunnen contant worden voldaan (wekelijks of in een keer) of worden overgemaakt.

Welke kinderen kunnen meedoen?

ALLE kinderen tussen de 6 en 12 jaar kunnen meedoen.
De belangrijkste voorwaarde is dat het KIND het zelf WIL!

Heeft een kind een fysieke beperking, dan onderzoeken we of de locatie geschikt is. Kinderen met diagnoses (ADHD, ASS, PPD-Nos enzovoort) zijn net zo welkom als kinderen zonder.

Als een kind zich in een groepje niet kan handhaven of een bedreiging is voor anderen, onderzoeken we met het kind wat er nodig is om wel deel te nemen. Indien nodig worden ouders bij dit overleg betrokken.